Het is op dit moment een van de grootste technologische trends, het wordt “the next big thing” genoemd en iedereen heeft er tegenwoordig wel eens over gehoord: Internet of Things. Maar wat is dit nou precies? Internet of Things, ook wel IoT, is het continu groeiende netwerk van fysieke objecten (things) die met het internet verbonden zijn en daardoor met elkaar kunnen communiceren. Dit gaat echter verder dan ‘machine-to-machine’ communicatie; Internet of Things is een netwerk van data-verzamelende sensoren die continu meten en evalueren; things kunnen dus informatie en data verzamelen. Denk hierbij aan slimme straatlantaarnpalen die hun hoeveelheid licht aanpassen aan de weercondities, of aan Philip’s Hue die je huis extra beveiligt door lampen automatisch aan en uit te laten gaan wanneer er niemand thuis is om de suggestie te wekken dat er wel mensen thuis zijn, en daarbij ook nog de functie heeft om licht automatisch uit te laten gaan wanneer iemand de kamer verlaat om elektriciteit te besparen. Voordat dit fenomeen door de gehele samenleving zal worden geaccepteerd, zullen er eerst nog wat moeizame zaken zoals privacy moeten worden opgelost. Consumenten kunnen (onbewust) veel meer persoonlijke data onthullen dan ze oorspronkelijk willen. Bovendien kunnen mensen zich misschien verzetten tegen Internet of Things, zolang er geen vertrouwen heerst dat de privacy is gewaarborgd. Nou zullen er misschien weinig mensen problemen hebben met het feit dat hun koelkast persoonlijke data verzamelt over de boodschappen om bijvoorbeeld een melding te kunnen geven wanneer er nog maar één pak melk aanwezig is waardoor de koelkast automatisch nieuwe melk bestelt, of data over de hoeveelheid licht die een huis verbruikt. Wanneer er echter persoonlijke, medische informatie bij betrokken is, zullen er waarschijnlijk meer mensen protesteren, aangezien dit soort informatie veel gevoeliger ligt. Consumenten willen niet dat hun persoonlijke data bij derden zoals de overheid, bedrijven of, in het geval van medische informatie, verzekeraars terecht komt. Een nieuwe baan of een promotie zou misschien wel aan je voorbij kunnen gaan als je baas kan zien dat je psychische of lichamelijke problemen hebt. Verzekeraars zouden de premie kunnen verhogen op basis van je medische gesteldheid, of misschien zelfs bepaalde verzekeringen weigeren.

Internet of Things zou een hoop tijd en moeite kunnen besparen (denk aan het voorbeeld van de koelkast), maar het kan ook verdergaan dan enkel gemak: het kan de kwaliteit van het leven bevorderen, en dat zien we op dit moment bij de gezondheidszorg. Internet of Things kan significante verschillen maken wanneer het op de gezondheid van de mens aankomt. Dit soort applicaties zijn in vier categorieën te splitsen:

  • Tracking – tracking kan worden toegepast op zowel de mens (in dit geval een patiënt) als
    op objecten. Passieve RFID tags kunnen in de omgeving van een patiënt worden geplaatst,
    bijvoorbeeld op de muren, om vervolgens onregelmatige bewegingen van het lichaam te
    meten. Dit zou bijvoorbeeld de beginnende symptomen van ziektes die iemands vermogen
    om te kunnen lopen flink beschadigen bijtijds kunnen herkennen. Tracking kan ook op een
    actieve manier worden toegepast, bijvoorbeeld op smartphones. Er zijn tegenwoordig
    verschillende apps die gezondheidsindicatoren zoals hartslag of bloeddruk meten, of
    die bijhouden hoeveel stappen je op een dag hebt gezet en daar het bijbehorende aantal
    verbrandde calorieën vermeldt.
  • Identification & authentication – patiëntidentificatie kan nuttig zijn bij het verminderen
    van schadelijke incidenten. Hierbij kun je denken aan een  elektronisch medisch
    dossier wat continu wordt geüpdatet, zodat men nooit een verkeerde dosis of verkeerde
    medicijnen aan een patiënt kan geven, omdat het dossier altijd compleet en recent is.
  • Data collection – het automatisch verzamelen van data betreffend medische gegevens      
    kan variëren van lichaamssensornetwerken tot diagnoses van dokters. Denk aan
    implanteerbare, draadloze apparaten die medische aantekeningen archiveren. Bij
    noodsituaties kan dit het verschil maken tussen leven en dood, met name bij patiënten met
    bijvoorbeeld diabetes, kanker, hartfalen of Alzheimer.
  • Sensing – sensoren verschaffen real-time data over de gezondheidsindicatoren van de
    patiënt. Wanneer deze sensoren dicht bij het lichaam worden gedragen, kunnen ze informatie
    verzamelen over fysiologische parameters zoals  de hartslag. Wanneer deze sensoren worden
    gecombineerd met onder andere RFID, NFC, Bluetooth en Wifi kunnen ook vitale functies
    zoals temperatuur, bloeddruk en cholesterol gemeten worden. Deze informatie zou
    rechtstreeks naar je behandelende dokter of hulpdiensten kunnen worden gestuurd.

Dus stel je voor, een oudere vrouw zet gemiddeld elke dag vier kopjes thee, en dit wordt door slimme apparaten gemeten en na een tijdje gezien als een patroon. Een verandering in de frequentie van het theezetten (bijvoorbeeld twee dagen lang geen enkel kopje thee zetten), is een signaal voor een abnormaal patroon. In combinatie met additionele data zoals hartslag en temperatuur, kan er worden gezien dat het niet goed gaat met de vrouw en dat er iemand bij haar langs moet om te kijken hoe het met haar gaat. En dit alles doordat je dokter continu real-time informatie krijgt over aspecten zoals je bloeddruk, temperatuur of hartslag. Wanneer er hier hoge pieken of dalen te zien zijn, is de dokter meteen op de hoogte en kan er actie worden ondernomen. Een hoge bloeddruk zou bijvoorbeeld kunnen wijzen op hart- en vaatziekten, waar je anders misschien niet achter zou komen. Dit soort monitoren kan dus niet enkel de gezondheid van iemand verbeteren, maar kan ook de medische kosten verlagen, aangezien een ziekte vroegtijdig kan worden geconstateerd.

Het klinkt allemaal hartstikke handig, maar het privacyprobleem is daarmee niet ineens opgelost. Dat is een van de grootste redenen waarom bijvoorbeeld het elektronisch patiëntendossier (EPD) zoveel commotie veroorzaakte. Bovendien gaat Internet of Things nog een stapje verder. Is de medische data die gegenereerd is door slimme apparaten nog wel van jou? In hoeverre kun je hier rechten aan ontlenen? En wat vind je belangrijker, alle mogelijke voordelen met betrekking tot je gezondheid? Of je privacy behouden op het niveau zoals het nu is?

In een verbonden wereld als deze, waar de stroom van data continu groeit en groeit, is het essentieel dat er richtlijnen over privacy worden ontwikkeld wanneer het gaat over extra gevoelige informatie zoals medische of financiële data, en dat de consument op de hoogte wordt gesteld van wat er met zijn/haar data kan gebeuren. Anders is Internet of Things waarschijnlijk gedoemd  te mislukken.

Artikel door Board Asset | SBIT